De kamer is ineens stiller. De weeën zijn voorbij, jullie baby ligt op je borst en ergens op de achtergrond wordt een handdoek opgeruimd. Je kijkt naar dat kleine gezichtje en denkt misschien: Is het echt voorbij? En wat gebeurt er nu?
De eerste 24 uur na de geboorte zijn bijzonder, intens en vaak een beetje onwerkelijk. Je leert je baby kennen, je lichaam begint te herstellen en ondertussen komen er allerlei nieuwe indrukken op jullie af. Voedingen, controles, luiers, kraamverbanden en misschien ook een eerste nacht waarin niemand precies weet wat normaal is.
Gelukkig hoeven jullie het niet meteen allemaal te kunnen. Het eerste etmaal draait vooral om rust, warmte, voeding en samen wennen.
De eerste minuten na de geboorte
Wanneer het goed gaat met jou en je baby, wordt je baby meestal direct na de geboorte op je blote borst gelegd. Dit eerste huid-op-huidcontact wordt ook wel het gouden uur genoemd.
Het hoeft overigens niet precies één uur te duren. Het belangrijkste is dat jullie, wanneer de situatie dat toelaat, rustig de tijd krijgen om elkaar te ontmoeten.
Je baby hoort je stem, voelt je warmte en herkent je geur. Voor jou kan het een bijzonder moment zijn, maar het is ook heel normaal wanneer je nog niet direct een overweldigend gevoel van liefde ervaart. Misschien ben je vooral moe, opgelucht of verbaasd. De band met je baby mag rustig groeien.
Huid-op-huidcontact helpt je baby om warm te blijven en tot rust te komen. Het kan bovendien helpen bij de hechting en het op gang komen van de borstvoeding. Ook je partner kan huid-op-huidcontact geven. Dat is fijn wanneer jij medische zorg nodig hebt of even wilt uitrusten.
De eerste controles van je baby
Direct na de geboorte kijkt de verloskundige hoe je baby zich aanpast aan het leven buiten de buik. Daarbij wordt onder andere gelet op:
- de ademhaling;
- de hartslag;
- de kleur;
- de spierspanning;
- de reacties van je baby.
Deze beoordeling heet de Apgar-score en vindt meestal één, vijf en tien minuten na de geboorte plaats. Vaak merk je daar nauwelijks iets van, omdat de verloskundige je baby vooral observeert terwijl die bij jou ligt.
Later wordt je baby uitgebreider bekeken. De verloskundige controleert bijvoorbeeld het lichaam, de reflexen, het gewicht en de temperatuur. Ook wordt met jullie besproken welke zorg en vitamines jullie baby nodig heeft.
Wat gebeurt er met jouw lichaam?
Terwijl jij naar je baby kijkt, is je lichaam nog hard aan het werk. Na de geboorte van je baby wordt ook de placenta geboren. De baarmoeder trekt daarna verder samen om het bloedverlies te beperken.
De verloskundige of arts controleert onder andere:
- of de placenta compleet is;
- hoeveel bloed je verliest;
- of je baarmoeder goed samentrekt;
- je bloeddruk en temperatuur;
- of een scheurtje, knip of andere wond verzorgd moet worden.
Wanneer hechtingen nodig zijn, gebeurt dit meestal kort na de geboorte. Je krijgt daarvoor verdoving. Na een keizersnede ziet het eerste etmaal er anders uit en blijf je doorgaans langer in het ziekenhuis. Hoe lang precies hangt af van hoe het met jou en je baby gaat.
Bloedverlies na de bevalling
Na een bevalling verlies je bloed. Dat heet vloeien. In de eerste uren kan het lijken op een flinke menstruatie. Er kunnen ook bloedstolsels meekomen.
De kraamverzorgende, verloskundige of verpleegkundige houdt het bloedverlies goed in de gaten. Meestal neemt het geleidelijk af wanneer de baarmoeder stevig samentrekt.
Verlies je plotseling veel meer bloed, raakt een kraamverband in korte tijd volledig doorweekt of krijg je grote stolsels? Neem dan direct contact op met je verloskundige of gynaecoloog.
Naweeën
Je kunt na de geboorte nog krampen voelen. Dit zijn naweeën: samentrekkingen waarmee de baarmoeder weer kleiner wordt. Ze kunnen voelen als menstruatiekrampen, maar soms ook als stevige weeën.
Naweeën zijn vaak duidelijker tijdens het geven van borstvoeding en na een tweede of volgende bevalling. Dat kan schrikken zijn, maar meestal betekent het dat je lichaam aan het herstellen is.
Warmte, rustig ademen, van houding veranderen en regelmatig plassen kunnen helpen. Bespreek pijnstilling altijd met je verloskundige, arts of kraamverzorgende.
De eerste keer plassen
Na de bevalling wordt gevraagd of je probeert te plassen. Een lege blaas helpt de baarmoeder om goed samen te trekken.
Plassen kan de eerste keer spannend of gevoelig zijn, vooral wanneer je hechtingen, zwelling of kleine wondjes hebt. Lauw water langs de vulva laten stromen tijdens het plassen kan het prikkende gevoel verminderen.
Lukt plassen niet meteen, dan hoeft dat niet direct een probleem te zijn. Neem wel contact op wanneer je zes tot acht uur na de bevalling nog niet hebt kunnen plassen of wanneer je veel pijn, loze aandrang of het gevoel van een volle blaas houdt.
Wat doet een baby in de eerste 24 uur?
Veel ouders verwachten dat hun baby direct volgens een duidelijk ritme gaat drinken en slapen. In werkelijkheid heeft een pasgeboren baby nog helemaal geen dag- en nachtritme.
Sommige baby’s zijn de eerste uren opvallend wakker. Ze kijken rond, zoeken contact en willen drinken. Andere baby’s zijn juist slaperig na de inspanning van de geboorte. Beide situaties kunnen normaal zijn.
Veel slapen is meestal normaal
Een pasgeboren baby slaapt een groot deel van het etmaal, verdeeld over korte en langere slaapmomenten. Je baby kan na de eerste alerte uren diep in slaap vallen.
Dat betekent niet automatisch dat er iets mis is. Blijf wel letten op de combinatie van signalen. Een baby die slaapt maar goed van kleur is, rustig ademt, warm blijft en wakker te krijgen is voor een voeding, gedraagt zich anders dan een baby die slap, suf of nauwelijks wekbaar is.
De eerste voeding
Veel baby’s zoeken tijdens het huid-op-huidcontact zelf naar de borst. Je ziet dan bijvoorbeeld dat je baby het hoofdje beweegt, het mondje opent, smakt, op de handjes sabbelt of met de tong zoekt. Dit zijn vroege hongersignalen. Huilen is meestal een later signaal.
Bij borstvoeding krijgt je baby eerst colostrum. Deze eerste melk wordt in kleine hoeveelheden aangemaakt en is geconcentreerd. Een pasgeboren maagje is nog klein, waardoor kleine en regelmatige voedingen passend zijn.
In de eerste dagen vragen veel baby’s ongeveer acht tot twaalf keer per etmaal om voeding. In het eerste etmaal kan het advies zijn om iedere twee tot drie uur voeding aan te bieden wanneer je baby zich niet zelf meldt.
Het precieze voedingsadvies hangt af van onder andere het geboortegewicht, de zwangerschapsduur, het verloop van de bevalling en de gezondheid van je baby. Volg daarom altijd het persoonlijke advies van je verloskundige, verpleegkundige of kraamverzorgende.
Krijgt je baby flesvoeding? Ook dan kun je kijken naar de signalen van je baby in plaats van alleen naar de klok. De kraamverzorgende of verpleegkundige helpt jullie met een passende hoeveelheid, houding en manier van voeden.
Wat als je baby niet wil drinken?
Een baby kan na de geboorte moe zijn en nog weinig belangstelling tonen voor voeding. Huid-op-huidcontact kan helpen om je baby wakkerder te maken en het zoekgedrag te stimuleren.
Probeer rustig te blijven. Een voeding hoeft niet meteen perfect te gaan. Aanleggen, loslaten, opnieuw proberen en samen een comfortabele houding zoeken horen vaak bij de eerste uren.
Neem wel contact op met de verloskundige, kraamverzorgende of verpleegkundige wanneer je baby niet wakker te krijgen is, steeds direct in slaap valt zonder te drinken, slap aanvoelt of zich helemaal niet voor voeding meldt.
De eerste plas en poepluier
Je baby plast meestal binnen de eerste 24 uur. De eerste plas kan bijna kleurloos zijn, maar soms zie je een roze of oranje vlekje in de luier. Dit komt vaak door uraatkristallen en is meestal geen bloed.
De eerste ontlasting heet meconium. Deze poep is donker, plakkerig en bijna zwart. Veel baby’s poepen binnen de eerste 24 tot 36 uur. Heeft je baby na 48 uur nog niet gepoept, overleg dan met de verloskundige.
Noteer voedingen en luiers gerust in het kraamdossier. Niet omdat jullie alles perfect moeten bijhouden, maar omdat het de kraamverzorgende en verloskundige helpt om te beoordelen hoe het met je baby gaat.
De temperatuur van je baby
Pasgeboren baby’s kunnen hun lichaamstemperatuur nog niet goed zelf regelen. Daarom wordt de temperatuur regelmatig gecontroleerd.
Een temperatuur tussen 36,5 en 37,5 graden Celsius wordt meestal als normaal beschouwd. Ligt de temperatuur daaronder of daarboven, overleg dan met de verloskundige. Kijk niet alleen naar het getal, maar ook naar het gedrag, de kleur, de ademhaling en het drinken van je baby.
Huid-op-huidcontact, passende kleding en een mutsje direct na de geboorte kunnen helpen om je baby warm te houden. Gebruik kruiken alleen volgens de instructies van de kraamverzorgende. Een verkeerd gebruikte kruik kan te veel warmte geven of brandwonden veroorzaken.
De eerste nacht met jullie baby
De eerste nacht thuis is vaak anders dan ouders zich hadden voorgesteld.
Misschien slaapt je baby uren achter elkaar en vraag je je af of je die wakker moet maken. Misschien wil je baby juist steeds dicht bij jullie zijn. En misschien lig jij klaarwakker, ook wanneer je baby eindelijk slaapt.
Dat is niet vreemd. Er is veel gebeurd. Je lichaam zit vol hormonen en je hoofd probeert alle indrukken te verwerken.
Veilig slapen vanaf de eerste nacht
Leg je baby voor ieder slaapmoment op de rug in een eigen, leeg wiegje of bedje. Plaats het bedje de eerste maanden bij voorkeur dicht bij jullie bed. Zorg dat er geen kussens, babynestje, hoofdbeschermer, grote knuffels of los materiaal bij het gezicht van je baby liggen.
Huid-op-huidcontact is waardevol wanneer de ouder wakker en alert is. Voel je dat je wegzakt of ben je erg uitgeput? Leg je baby dan terug in het eigen bedje. Vooral na een lange bevalling kan vermoeidheid je onverwacht overvallen.
Wat kan de partner doen?
Partners vragen soms: “Wat kan ik eigenlijk doen? De baby wil vooral bij de moeder zijn.”
Maar juist tijdens de eerste 24 uur is de rol van de partner heel waardevol. Denk aan:
- huid-op-huidcontact geven;
- de baby aangeven tijdens een voeding;
- luiers verschonen;
- drinken en eten voor de moeder regelen;
- telefoontjes en bezoek afremmen;
- vragen opschrijven voor de kraamverzorgende;
- bewaken dat er rust in huis blijft.
Een partner die voor het eerst een luier verschoont, kan zich behoorlijk onhandig voelen. Dat geeft niets. Je hoeft niet meteen zeker te zijn. Jullie leren jullie baby samen kennen, één klein stapje tegelijk.
Wat doet de kraamverzorgende in het eerste etmaal?
Na een thuisbevalling helpt de kraamverzorgende met de eerste verzorging en de rustige opstart van jullie gezin. Na een ziekenhuisbevalling nemen jullie meestal contact op met de kraamzorg zodra duidelijk is dat jullie naar huis mogen.
De kraamverzorgende let onder andere op:
- de temperatuur, kleur en ademhaling van je baby;
- het drinken;
- de plas- en poepluiers;
- het gedrag van je baby;
- jouw bloedverlies en temperatuur;
- het samentrekken van de baarmoeder;
- je herstel, eventuele hechtingen en het plassen.
Daarnaast laat ze zien hoe jullie de baby veilig kunnen verzorgen. Ze neemt niet alles van jullie over, maar doet het samen met jullie. Zo groeit het vertrouwen iedere dag een beetje.
De eerste dagen na de geboorte is de verloskundige meestal het eerste aanspreekpunt voor medische vragen over jou en je baby. De kraamverzorgende overlegt met de verloskundige wanneer een controle afwijkt of wanneer zij zich zorgen maakt.
Praktische tips voor de eerste 24 uur
Houd bezoek klein
Familie en vrienden zijn vaak nieuwsgierig, maar jullie hoeven niet direct iedereen te ontvangen. Een bevalling is een grote lichamelijke en emotionele gebeurtenis.
Kies bijvoorbeeld voor één kort bezoekmoment of stel bezoek uit tot de volgende dag. Rust is geen luxe. Het helpt jou herstellen en geeft jullie de ruimte om je baby te leren kennen.
Eet en drink regelmatig
Na de bevalling kun je veel dorst of honger hebben. Zet water, thee en iets voedzaams binnen handbereik. Ook wanneer je weinig trek hebt, kunnen kleine porties prettig zijn.
Stel alle vragen
Geen vraag is te klein. Vraag gerust hoe je een luier controleert, hoe je kunt zien of je baby goed drinkt of waarom je buik nog zo groot is.
Jullie hoeven niet te bewijzen dat jullie het zelf kunnen. Hulp vragen hoort juist bij goed voor jezelf en je baby zorgen.
Schrijf belangrijke informatie op
In de eerste uren wordt vaak veel verteld, terwijl jullie moe en vol indrukken zijn. Laat je partner adviezen opschrijven of maak gebruik van het kraamdossier.
Veelgemaakte fouten in het eerste etmaal
Verwachten dat voeding direct perfect gaat
Jij en je baby moeten elkaar nog leren kennen. Een moeizame eerste voeding voorspelt niet hoe het de volgende dag zal gaan. Vraag om begeleiding en neem de tijd.
Je baby vergelijken met andere baby’s
De ene baby drinkt snel en krachtig. De andere baby heeft meer hulp nodig. De ene slaapt uren, terwijl de andere steeds wil worden vastgehouden. Kijk vooral naar jullie eigen baby en naar het totaalplaatje.
Te veel bezoek ontvangen
Een volle woonkamer kan gezellig lijken, maar is vaak vermoeiend. Rust, geborgenheid en tijd voor jullie gezin zijn tijdens het eerste etmaal meestal belangrijker.
Samen in slaap vallen met de baby
Door vermoeidheid kun je tijdens het voeden of knuffelen ongemerkt wegzakken. Maak vooraf een veilige afspraak: degene die wakker is, let op en legt de baby terug in het eigen bedje zodra de ouder slaperig wordt.
Niet bellen omdat je bang bent om lastig te zijn
Verloskundigen, kraamverzorgenden en verpleegkundigen zijn er juist voor deze vragen. Je hoeft niet eerst zeker te weten dat er iets mis is. Ongerustheid is voldoende reden om te overleggen.
Wanneer moet je hulp inschakelen?
Bel direct over jezelf bij:
- plotseling veel of toenemend bloedverlies;
- een kraamverband dat in korte tijd volledig doorweekt raakt;
- grote bloedstolsels;
- duizeligheid, flauwvallen, benauwdheid of hartkloppingen;
- koorts boven 38 graden of je duidelijk ziek voelen;
- ernstige of toenemende hoofdpijn;
- wazig zien, lichtflitsen of sterretjes zien;
- pijn boven in de buik;
- een rood, dik of pijnlijk been;
- ernstige benauwdheid, verwardheid of een gevoel dat het helemaal niet goed gaat;
- niet kunnen plassen binnen zes tot acht uur na de bevalling.
Bel direct over je baby bij:
- moeilijk, kreunend of opvallend ademhalen;
- een blauwe, grauwe of opvallend bleke kleur;
- slap, suf of nauwelijks wakker te krijgen zijn;
- niet willen of kunnen drinken;
- een temperatuur onder 36,5 of boven 37,5 graden Celsius;
- geel worden binnen de eerste 24 uur;
- een gevoel dat je baby anders reageert dan eerder of dat er iets niet klopt.
Bel in de eerste dagen meestal eerst de verloskundige of, na een medische bevalling, de behandelend afdeling of gynaecoloog. Bij acute ademhalingsproblemen, bewusteloosheid of een andere levensbedreigende situatie bel je 112.
Veelgestelde vragen over de eerste 24 uur na de geboorte
Moet mijn baby meteen drinken?
Veel baby’s willen binnen de eerste uren drinken, maar sommige baby’s zijn na de geboorte erg moe. Bied regelmatig voeding aan, geef veel huid-op-huidcontact en vraag hulp wanneer je baby niet wakker wordt of niet drinkt.
Hoe vaak moet een pasgeboren baby drinken?
In de eerste dagen komen veel baby’s uit op ongeveer acht tot twaalf voedingen per 24 uur. Het ritme is niet altijd gelijkmatig. Soms drinkt je baby meerdere keren kort achter elkaar en slaapt daarna wat langer. Volg het persoonlijke advies van je verloskundige, kraamverzorgende of verpleegkundige.
Is het normaal dat mijn baby bijna alleen maar slaapt?
Ja, veel pasgeboren baby’s slapen een groot deel van de dag. Je baby moet wel wakker te krijgen zijn, goed van kleur blijven, normaal ademen en regelmatig voeding aangeboden krijgen.
Wanneer moet mijn baby voor het eerst plassen?
De eerste plas komt meestal binnen 24 uur na de geboorte. Is dat niet gebeurd, bespreek dit dan met de verloskundige of kraamverzorgende.
Is zwarte babypoep normaal?
Ja. De eerste ontlasting heet meconium en is zwart of donkergroen, dik en plakkerig. De kleur verandert in de dagen daarna wanneer je baby meer melk drinkt.
Moet ik mijn baby wakker maken voor een voeding?
In het eerste etmaal wordt vaak geadviseerd om niet te lang tussen voedingen te laten en zo nodig iedere twee tot drie uur voeding aan te bieden. Het persoonlijke advies kan afwijken, bijvoorbeeld bij een vroeggeboren baby, een laag geboortegewicht, geelzucht of problemen met de bloedsuiker.
Rust, warmte en samen wennen
De eerste 24 uur na de geboorte hoeven niet perfect te verlopen. Een voeding mag onhandig gaan. Een luier verschonen mag langer duren. Je mag huilen, lachen, twijfelen en tien keer dezelfde vraag stellen.
Let vooral op de basis:
- blijft je baby goed op temperatuur?
- ademt je baby rustig?
- is je baby wakker te krijgen?
- lukt het om voeding aan te bieden?
- komt er binnen 24 uur een plasluier?
- blijft jouw bloedverlies binnen de verwachte grenzen?
- kun jij plassen en voel je je lichamelijk redelijk stabiel?
Jullie hoeven het niet alleen te doen. De kraamverzorgende en verloskundige kijken met jullie mee, geven uitleg en helpen jullie vertrouwen op te bouwen.
Niet perfect. Wel goed genoeg. Samen groeien jullie stap voor stap in jullie nieuwe gezin.
Persoonlijke kraamzorg van Kraamzorg Wijs
Heb je vragen over de eerste 24 uur na de geboorte, de kraamweek of het voeden en verzorgen van jullie baby?
Bij Kraamzorg Wijs nemen we rustig de tijd voor jullie verhaal. We bieden liefdevolle, deskundige kraamzorg met aandacht voor moeder, baby én partner. Zonder oordeel en met eerlijk advies, zodat jullie met vertrouwen aan deze bijzondere periode kunnen beginnen.




